Soldaat tweede klasse Mil 1914 Van Houte Firmin werd geboren te Hamme en woonde in Brussel.
Hij was een ongehuwde huisknecht.
Zijn vader was Carolus Frans Van Houte en zijn moeder Rosalia Geerinckx.
Hij vervoegde het 1e Jagers te voet.
(Stamnummer 125/37434).
Firmin vocht te Kaaskerke (Diksmuide) aan de IJzer.
Op 2 mei 1916 begon een lange reeks van aanvallen en bombardementen.
De Duitsers wilden de dodengang veroveren.
Want in dat geval zouden ze de ganse loopgraven van de Belgen beheersen.
De dodengang was dus het doel van de Duiste artillerie en aanvallen.
De soldaten hebben toen extra handgranaten gekregen en moesten de loopgraven tot de laatste man verdedigen.
Machinegeweren en granaten konden de Duitsers een beetje op afstand houden.
Maar op 12 mei 1916, na toch nog enkele aanvallen afgeslagen te hebben, werd door vijandig vuur een twintigtal meter van de dodengang vernield.
En ook een van de bijbehorende schuilplaatsen (bunkers) die zich in de dodengang bevonden.
Firmin zat in die bunker toen een obus de bunker vernietigde.
Hij sneuvelde op die 12 mei 1916, wat overbleef van zijn lichaam werd ter plaatse begraven.
Hij had dus het label "vermist" en werd nooit officieel begraven.
Firmin Van Houte staat vermeld op het heldenmonument te Hamme.